Veel directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) lenen geld van hun eigen B.V. via de rekening-courant. Dat kan handig zijn: u heeft snel liquiditeit zonder dat u dividend hoeft uit te keren of salaris moet verhogen. Maar sinds de invoering van de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap in 2023 zijn de fiscale gevolgen van een hoge schuld aan uw B.V. aanzienlijk. Wie boven de wettelijke drempel uitkomt, wordt geacht fictief dividend te hebben ontvangen en betaalt daarover inkomstenbelasting in box 2.
In dit artikel leggen we uit hoe de wet werkt, welke drempels gelden in 2026, welke leningen zijn uitgezonderd en welke stappen u kunt nemen om uw rekening-courantpositie fiscaal verantwoord te beheren.
Wat is de rekening-courantverhouding met uw B.V.?
Als DGA kunt u bedragen opnemen uit uw B.V. zonder dat dit direct als salaris of dividend wordt aangemerkt. Dit wordt geboekt als een lening in rekening-courant: u bent de schuldenaar en uw B.V. is de schuldeiser. In de praktijk werd deze constructie jarenlang gebruikt om belastingheffing uit te stellen. U leeft van de opnamen, zonder dat u direct belasting betaalt over het genoten bedrag.
De Belastingdienst keek hier al kritisch naar, maar met de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap is er nu een harde grens ingevoerd. Overschrijdt uw totale schuld aan de B.V. een bepaald bedrag, dan wordt het meerdere als fictief regulier voordeel uit aanmerkelijk belang aangemerkt en belast in box 2.
De drempel in 2026: 500.000 euro
De wettelijke drempel bedraagt 500.000 euro. Heeft u op de peildatum (31 december van het betreffende jaar) meer dan 500.000 euro geleend van uw eigen B.V. en gelieerde vennootschappen tezamen, dan wordt het bedrag boven die grens belast als inkomen uit aanmerkelijk belang. U betaalt hierover het box 2-tarief, dat in 2026 24,5 procent bedraagt over de eerste 67.000 euro en 33 procent over het meerdere.
De heffing vindt plaats in het jaar waarin de drempel wordt overschreden. In latere jaren geldt een verrekening: als de schuld daarna daalt tot onder de 500.000 euro, kunt u het eerder belaste bedrag als negatief inkomen in box 2 verrekenen. Maar dat betekent niet dat u de belasting terugkrijgt: de verrekening verloopt via de aangifte inkomstenbelasting en heeft alleen effect als er in dat jaar ook positief box 2-inkomen is.
LET OP
De peildatum is 31 december. Dat betekent dat tijdelijke aflossingen vóór jaareinde kunnen helpen om onder de drempel te blijven, mits de aflossing reeel is en niet direct daarna weer wordt teruggestort. Schijnhandelingen worden door de Belastingdienst doorzien.
Welke leningen zijn uitgezonderd van de drempel?
Niet alle schulden aan uw B.V. tellen mee voor de drempel van 500.000 euro. De belangrijkste uitzondering betreft de eigenwoningschuld. Als u van uw B.V. geld heeft geleend voor de aankoop, verbetering of het onderhoud van uw eigen woning, telt die schuld niet mee voor de drempel, mits er een recht van hypotheek is gevestigd ten gunste van de B.V.
Heeft u geen hypotheekrecht gevestigd maar wel een eigenwoningschuld bij uw B.V.? Dan telt die schuld wel mee voor de berekening van de drempel. Het alsnog vestigen van een hypotheekrecht kan dan uitkomst bieden, maar dit heeft notariskosten en enige doorlooptijd. Wacht hier niet te lang mee.
Schulden van uw fiscaal partner en van bloed- en aanverwanten in de rechte lijn (zoals kinderen en ouders) die ook aanmerkelijkbelanghouder zijn in dezelfde B.V., tellen eveneens mee. De drempel van 500.000 euro geldt voor het totaal van alle kwalificerende schulden van de DGA en zijn of haar partner samen.
Wat zijn uw opties om de schuld te verlagen?
Als uw rekening-courantschuld boven de 500.000 euro uitkomt of dreigt te komen, zijn er meerdere manieren om die te verlagen. De meest voor de hand liggende optie is het uitkeren van dividend en het gebruiken daarvan om de schuld af te lossen. U betaalt dan box 2-belasting over het dividend, maar vermijdt de fictieve heffing over het bovenmatige deel van de schuld.
Een andere optie is het verhogen van uw salaris en de netto-opbrengst te gebruiken voor aflossing. Dit leidt tot hogere loonbelasting in box 1, maar verlaagt de schuld structureel. Welke route het voordeligst is, hangt af van uw totale inkomstenpositie, de hoogte van de schuld en uw verwachtingen voor de toekomst.
Sommige DGA’s kiezen ervoor om privevermogen (zoals spaargeld of opbrengst uit verkoop van een woning) in te zetten om de schuld terug te brengen. Ook dat is een reele optie, zeker als u in box 3 vermogen heeft dat weinig rendement oplevert maar wel belast wordt. Lees meer over uw opties als DGA in onze sectie DGA (Directeur-Grootaandeelhouder).
Rente op de rekening-courant: vergeet dit niet
Een lening van uw B.V. moet zakelijk zijn. Dat betekent onder andere dat er een marktconforme rente in rekening wordt gebracht. Doet u dat niet, of is de rente te laag, dan kan de Belastingdienst het verschil aanmerken als een uitdeling die belast wordt in box 2. Zorg er dus voor dat er in de administratie een schriftelijke leningsovereenkomst is, met daarin een zakelijk rentepercentage, een aflossingsschema en voldoende zekerheden.
De rente die u betaalt aan uw B.V. is voor de B.V. belaste omzet in de vennootschapsbelasting. Voor u als DGA is de rente in de meeste gevallen niet aftrekbaar in box 1, tenzij de lening is aangegaan voor de eigen woning. Bespreek de structuur van uw lening altijd met uw accountant om fiscale problemen te voorkomen.
Rekening-courant en het gebruikelijk loon: de samenhang
De rekening-courantschuld en het gebruikelijk loon zijn twee onderwerpen die nauw met elkaar samenhangen. Een DGA die structureel opneemt via de rekening-courant in plaats van een marktconform salaris te ontvangen, kan te maken krijgen met een correctie op het gebruikelijk loon. De Belastingdienst bekijkt of de opnamen feitelijk als loon moeten worden aangemerkt.
Zorg er dus voor dat uw salaris voldoet aan de normen van de gebruikelijkloonregeling en dat opnamen via de rekening-courant echt als lening worden behandeld: schriftelijk vastgelegd, met rente en met een realistisch aflossingsschema. Lees hierover meer in ons artikel over de gebruikelijkloonregeling voor de DGA.
Aangifte inkomstenbelasting: vergeet de fictieve heffing niet
Als uw schuld aan het einde van het jaar boven de 500.000 euro uitkomt, moet u het meerdere aangeven als fictief regulier voordeel in box 2 van uw aangifte inkomstenbelasting. Dit wordt niet automatisch verwerkt: u moet het zelf opnemen. Veel DGA’s zijn hier niet van op de hoogte, wat leidt tot te lage aangiftes en mogelijke boetes.
Uw accountant speelt hierin een cruciale rol. Een goede jaarlijkse inventarisatie van de rekening-courantstand, gecombineerd met een fiscaal advies over de meest voordelige aanpak, voorkomt onaangename verrassingen. Lees ook ons artikel over de aftrek van lijfrentepremie als u ook nadenkt over vermogensopbouw naast uw B.V.
Conclusie: neem uw rekening-courantschuld serieus
De Wet excessief lenen bij eigen vennootschap is geen theoretisch risico maar een concrete belastingheffing die u kunt treffen als u niet tijdig actie onderneemt. Met een drempel van 500.000 euro en een peildatum van 31 december is het essentieel om uw rekening-courantstand jaarlijks te monitoren. Zorg voor een zakelijk onderbouwde leningsovereenkomst, betaal een marktconforme rente en bespreek met uw accountant welke aflossingstrategie het meest voordelig is voor uw situatie.